Wil je Treets? Okidoki!

Een geur kan je in één klap terugbrengen naar je verleden. Een woord kan dat ook. Althans, zo werkt dat bij mij.

Laatst sloot een hooggewaardeerde taalcollega ons telefoongesprek af met een vrolijk ‘okidoki’ en BOEM: terug was ik, in de tijd van Treets; toen suiker nog goed voor je was. Bankieren deed je bij de Postbank – of waarschijnlijk zelfs nog bij de Postgiro – en de post werd bezorgd door de PTT. Agenten droegen hoogst oncomfortabele uniformen, mét vouw in de pantalon. De pet, die echt niet iedereen paste, was ontworpen om zo veel mogelijk zweet te generen tijdens een achtervolging, waarvoor oom agent slechts met een knuppel was uitgerust.

Goeie, trage tijd
Niks geen goeie ouwe tijd. Als ik een artikel had geschreven, moest ik het op een floppydisk kopiëren of op een cd-rom branden (zie je me al staan: met rode wangen en vetlederen schort voor de smidse? Ik wel). Als het er, na ruim anderhalf uur op stond, moest ik het schijfje op de fiets gaan afgeven bij de opdrachtgever (wat overigens dan wel weer veel sneller ging dan nu, omdat ik me nog geen weg hoefde te banen door hordes toeristen). De diskette kon ik ook per ‘slakkenpost’ laten bezorgen, maar het nadeel daarvan spreekt voor zich. Voordat een stuk sowieso definitief was en gezet en gedrukt kon worden, was je zo twee weken verder.

Comeback
Nu heb ik wel genoeg mijn leeftijd verraden. Sinds het gesprek met de taalcollega hoorde ik nog meer mensen ‘okidoki’ zeggen, ook wel afgekort als ‘okidook’. Okidoki maakt een comeback kunnen we met een gerust hart stellen. Ik wou weleens willen weten waarom. Het klinkt niet bijster intelligent. Sterker nog, ik vind het vrij suf klinken. Het is een term die Tommie uit Sesamstraat zou kunnen bezigen, ware het niet dat hij daar te bijdetijds voor is. Maar kennelijk mag je ook weer ongestraft gehuld in een glimmend paars ski-jack met schoudervullingen de straat op. Helemaal okeetjes!
Het kan altijd erger.

0 reacties… reageer

Geef een reactie